Inmiddels zijn we de tel een beetje kwijt, maar het was vermoedelijk de 10e of 11e editie van Taaldorp bij de sector Economie en Dienstverlening aan de Ruimzichtlaan. Voor mij, Manon Swiers (docent Duits) in ieder geval de vijfde keer en daarmee ook jubileumwaardig. Dit jaar was het zelfs voor de eerste keer een tweedaags Taaldorp, uitgebreid met klassen uit de financiële en secretariële opleidingen en in de prachtige entourage van één van de splinternieuwe projectlokalen in de locatie Ruimzichtlaan van het Graafschap College.

Na onze tweedaagse studiedagen op maandag en dinsdag gingen wij – Freek, Martina  en Manon, de docenten Duits – woensdag ochtend hard aan het werk om het projectlokaal om te toveren in een “Taaldorp”. Voor de beginners: taaldorp is niet een dorp met huizen en een kerk, maar een ontmoetingsplek, waar Nederlandse en Duitse studenten met elkaar in gesprek gaan.

Daar gaat natuurlijk enige voorbereiding aan vooraf: In de Duitse lessen is de afgelopen weken gewerkt aan zes verschillende aan het beroep gerelateerde gesprekken met de sprekende titels: “Verkaufsgespräch”,  “An der Rezeption”, “Telefongespräch”, “Im Büro”, “Interview” en “Auf der Messe”. N.b. “Messe betekent “beurs”. Een impressie van het begin van zo’n gesprekje:

 

 

 

Auf der Messe
Firma (Nederlandse student): Guten Tag. Herzlich Willkommen auf unserem Messestand. Möchten Sie vielleicht eingekochtes Ei oder ein Spiegelei probieren? 

Kunde (Duitse student):
Guten Tag. Ich möchte gern ein Spiegelei probieren. 

 

 

 

Gelukkig is alles klaar als “de Duitsers” om half tien arriveren met hun docente Nederlands, onze gewaardeerde collega Astrid Beckers. Genoeg tijd nog om elkaar uitgebreid te begroeten en de Duitse studenten  wat uitleg te geven. Er is voor de Duitsers een “Aufenthaltsraum” – nooit een adequaat Nederlands woord voor gevonden – een lokaal, waar ze kunnen vertoeven, als ze niet hoeven te toetsen.

De voor beide dagen in totaal 30 Duitse studenten krijgen de laatste instructies en nemen dan plaats aan één van de 12 tafels. Alle 6 gesprekken zijn namelijk dubbel bezet, zodat we met 12 klassen, in maar twee dagen de gesprekken kunnen laten toetsen. En extra spannend, ze worden dus getoetst door ‘echte Duitsers’.

Terwijl de Duitse studenten hun plekken innemen en alvast de gesprekjes doornemen, vangt de betreffende vakdocent de eerste klas op om de laatste instructies te geven en te bepalen, wie de eerste 12 gelukkigen zijn, die de magische wereld van het taaldorp mogen betreden. En dan gaat de deur open en betreden de eerste studenten het projectlokaal om plaats te nemen aan één van de tafels en het gesprekje te voeren met een Duitse leeftijdsgenoot.

Van de zes gesprekjes moet elke student er 4 doen. Als de eerste studenten de 4 gesprekjes hebben gedaan, wordt het volgende groepje binnengeroepen. Het loopt allemaal gesmeerd. De Duitsers zijn verbaasd over het taalniveau van de Nederlanders “Die sprechen ja echt gut deutsch!”. Is hun haast unanieme oordeel. De  Duitse studenten werken hard, maar ook de Nederlanders doen hun uiterste best. Er is soms wat teleurstelling over de eigen prestatie, maar ook veel tevredenheid. De Duitsers trachten vaak hun Nederlandse leeftijdsgenootjes gerust te stellen: “Ging doch gut!”.

Sommige gesprekjes duren opvallend lang. Na even mee geluisterd te hebben constateer ik, dat hier in het Duits notabene een beetje smarttalk wordt gedaan! “Wo wohnst du?” wil een Nederlandse student van een Duits meisje weten en er ontspant zich een heus gesprek tussen die twee.

Na het absolveren van de gesprekjes willen een viertal jongens reuze graag ook een keer naar Geldern om daar de Duitse studenten te toetsen. Hmmm… zou dit iets met de looks van de Duitse dames te maken hebben?

Voor de Nederlandse studenten duurt de deelname aan het taaldorp slechts zo’n 10 à 15 min en ze zijn het erover eens: dat was leuk en ging super snel.  Voor de Duitse studenten die van 10.00 tot 14.30 bezig zijn, is het een beste tijd – en toch, als het uiteindelijk afgelopen is, slakt de een of andere een zucht ….. “jetzt schon? Schade!”.

Aan ons vakdocenten nu nog de taak om uit de punten een cijfer te toveren, natuurlijk in de hoop, dat de studenten zo hoog mogelijk gescoord hebben en zoveel mogelijk hebben geleerd, maar wat dit taaldorp écht tot een succesverhaal maakte, was de sympathie over een weer en de goede sfeer.

We kijken uit naar het tegenbezoek. In april staat het Sprachdorf in Geldern gepland, om daar de Duitse studenten in het Nederlands af te toetsen en aan een gezamenlijk project te werken over cultuurverschillen, maar vooral ook cultuurovereenkomsten tussen Duitsland en Nederland.

Nu al zin in!